Home

Legerplaats Ossendrecht

11Verbindingsbataljon

Verhalen & anekdotes

La Courtine 1964

Gezocht

Laatste nieuws

Oranje-Kazerne

Leiding C-Cie okt. 1964

Updates

Verhalen La Courtine '64

Links

Donaties

Fotopagina's

Personeelslijst

Gastenboek - Reacties

La Courtine 2009

Contact

Ode aan kapitein Tummers

Rond augustus 1963 als beginnend vaandrigje bij de Verbindingsdienst, kwam ik terecht bij de C compagnie van het 11Verbindingsbataljon. Die compagnie stond toen onder leiding van kapitein Herman Tummers. Ik schrijf nu wel Herman Tummers, maar in die tijd liet je het wel uit je hoofd om een compagniescommandant (CC) bij z'n voornaam te noemen. Hij werd aangesproken met "Kapitein," en in de wandelgangen noemde iedereen hem liefkozend "Ome Herman."

In het leger heb je compagniescommandanten (CC's) die geliefd zijn en CC's die dat niet zijn. Kapitein Tummers hoorde tot de eerste categorie.

Hij was begonnen als dienstplichtig soldaat. Hij werd bij de SROV (School Reserve Officieren Verbindingsdienst) opgeleid tot vaandrig. Al vrij snel daarna werd hem gevraagd om beroepsmilitair te worden. Dat wilde hij wel, op voorwaarde dat hij dezelfde carrière mogelijkheden zou krijgen die KMA (Koninklijke Militaire Academie) officieren ook hadden. Die opleiding duurt vier jaar. Ze kunnen daarna opklimmen tot kolonel. Enkelen worden geselecteerd om de Hogere Krijgsschool (HKS) te volgen en kunnen dan nog generaal worden. Zoals Verbindelaar vier sterren generaal Arie van der Vlis. Of onze eigen C compagnie CC luitenant Hans de Vries, die het tot generaal-majoor schopte. Dienstplichtigen die opgeleid worden tot officier, doorlopen de officierenschool sneller. In 8 maanden zijn ze vaandrig of kornet. Ze kunnen normaal hooguit tot majoor of overste doorklimmen en voorbeelden van hen die het ook nog tot generaal hebben geschopt, ken ik niet.

Defensie zag de bekwaamheden van die jonge vaandrig Tummers wel zitten en stemde toe. Zo werd hij beroeps en hij was al kapitein toen ik hem voor het eerst ontmoette in 1963.  

 

Douwenhitparade

Kapitein Tummers kwam niet zo vaak op het Mob. Hij had er een neus voor, want als hij kwam was er altijd wel iets niet in de haak. Hij maakte zich uiterlijk nooit boos. Maar op een manier die je niet snel vergat, wist hij precies te zeggen wat hem niet beviel. Ik kreeg zelf ook eens een douw. Het was op mijn eerste oefening als vaandrigje bij het lijnpeloton. De centralist van dienst had op de lijn opgevangen: "Einde oefening" en kwam dat bij mij melden. In mijn onnozelheid dacht ik dat dat voor ons gold. Ik liet alles decamoufleren en alvast in colonne vorm klaarzetten. Zodat we op tijd bij het aanvangspunt (avpt) van de colonnes zouden zijn. En ja hoor, daar stond de Kapitein Tummers.

Ik mocht na de oefening op zijn bureau komen en kreeg een paar dagen licht arrest. Ik had moeten wachten tot het officiële bericht "Einde Oefening" kwam.

Vervelend, maar niet erg voor je toekomst. Als je tot officier werd benoemd, werd de straflijst die je tot dat moment had opgebouwd, verscheurd en begon je met een schone lei. Aan het einde van mijn periode als vaandrig, stond ik vrij hoog op de hitparade van de vaandrigs met douwen. Die hitparade werd door ons onderling nauwlettend bijgehouden. De collega's van de B compagnie van Kapitein Burgel voerden meestal de hitparade aan.

 

Wakker worden!

Waar ik in die tijd het meeste van baalde was de ochtendsport. Om 06:00 uur het peloton wekken en dan een rondje om de kazerne hollen. Als PC moest je dan om kwart voor zes opstaan om op tijd op de kazerne te zijn. Eigenlijk was ik een pestkop. Ik sloop om zes uur zachtjes de kamers op, tilde het tafelblad op en op hetzelfde moment dat de Sergeant van de Week op z'n fluit blies, liet ik het tafelblad met een enorme klap vallen. De maten rolden vaak van schrik uit hun bed en waren "not amused."

 

Strozakkenplezier

Door die strozakken stonken de kamers altijd naar vochtig stro en zweet. Het vullen van die strozakken was altijd een avontuur. Door het gebruik verkruimelde het stro en werden de strozakken steeds platter. Op een gegeven moment moest het stro werden bijgevuld of helemaal vervangen. Anders werden de strozak zo plat, dat de mannen op de spiraalveer lagen.

Je kon die dingen niet onder je arm houden en dus nam iedereen die op de rug. Je zag dan een stel strozakken richting strohok lopen. Het leek wel een kudde kamelen. Keek je goed, dan zag je dat er ook nog een soldaat onder liep. Waren de matrassen weer gevuld, dan kwam er een blauwwit geblokte katoenen tijk om heen om het geheel wat op te fleuren.

Als een maat er niet was, moest zijn strozak door een makker worden gevuld. Die werd zo volgepropt dat de zak helemaal rond was. Ik denk met een diameter van wel 70 centimeter. Leg je die op bed, dan is er bijna geen ruimte meer voor de man die er op moest liggen Een slimmerik legde de zak op de grond en begon er flink op te stampen. Dan had je hem behoorlijk plat. Maar er waren er altijd die er toch op gingen slapen en er midden in de nacht vanaf rolden

De strozakken van de bovenbedden werden vaak gevuld met stro, dat in in knopen was gelegd. Die maten deden nachtenlang geen oog dicht.

 

Testvaandrig

Heel vervelend was het veertiendaags onderhoud aan de voertuigen. Die hadden in de tussenperiode meestal geen meter gereden. Maar het testen van de claxon was een feest. Liep je als vaandrig voor het voertuig langs, was dat het aangewezen moment voor de chauffeur om  z'n toeter te testen. Je schrok je te pletter als niets vermoedend vaandrigje en liep soms een rolberoerte op.

 

Camouflagenetten testen

Ik was nog zo groen als gras. Op een dag waren we voor onderhoud naar het Mob gegaan. Plots was ik daar een stel maten kwijt. Bleken die boven op de dekzeilen van de drietonners en boven op de stapel camouflagenetten een tukje te doen. Dan kon je ze op rapport slingeren, want onttrekken aan een gegeven opdracht was een ernstig vergrijp. Meestal hield ik het op een waarschuwing en werd de kwestie vergeten. Opvallend was dat met het vrije weekend in zicht, de mannen zich keurig aan de regels hielden.

 

Ik denk dat kapitein Tummers zo populair was bij de maten, omdat hij zelf ook begonnen was als soldaat. En daardoor beter voelde hoe het is om soldaat te zijn.

Zelf heb ik ook nog m'n strozak moeten vullen en met 16 man op een kamer gelegen. In die tijd ben ik zelf ook afgeknepen door een vaandrig die toevallig ook Tummers heette.

De maten zeiden dan ook dat ze veel beter af waren met een dienstplichtige PC, dan met een kersverse KMA luitenant.

We pestten de KMA luitenants wel eens door te zeggen dat wij, dienstplichtige officieren, natuurtalenten waren. Terwijl zij vijf jaar zich nog moesten bewijzen.

Hun antwoord was steevast: "Wij kunnen generaal worden en jullie niet."

Kapitein Tummers gaf ook heel weinig douwen. Je moest het al heel erg bont gemaakt hebben, voor hij een douw uit deelde. En dan wist iedereen dat je hem ook echt verdiend had.

Begin 1964 werd hij overgeplaatst en werd kapitein Luchsinger de CC van de C compagnie. Ik was inmiddels tweede luitenant en zat als pelotonscommandant bij het Park &Werkplaats peloton. We deden de bevoorrading en het herstel van het Verbindingsmaterieel in de Eerste Divisie 7 December en zaten in de Boxengarage op de Koningsweg.

 

Memories

Ik verloor kapitein Tummers uit het oog. In de jaren 80 kwam ik hem nog eens tegen op het Ministerie in Den Haag.

Onlangs kwam ik zijn adres tegen en ben ik hem eens gaan bezoeken. Hij woont op een mooie stek in Veldhoven.

De tand des tijds is ook niet ongemerkt aan hem voorbij gegaan en wordt hij geplaagd door gebreken. Zijn geheugen is echter nog in top conditie en we hebben uitgebreid herinneringen aan die goede oude tijd opgehaald. Zo kwam ook z'n douwbeleid ter sprake.

Waarop hij vertelde dat hij eens bij de bataljonscommandant overste van Tiel komen.

Van Tiel: "Er worden in uw compagnie te weinig douwen uitgedeeld."

Tummers: "Ik kan mijn compagnie ook leiden, zonder douwen."

Van Tiel: "Wedden dat u het niet 'n maand redt, zonder douwen?"

Tummers: "Akkoord."

Precies een maand later belde de overste op: "Tummers, gefeliciteerd! Goed gedaan."

 

Ik vertelde hem: "Wist je dat je in de compagnie Ome Herman werd genoemd?"

Verrast antwoordde hij: "Nee, dat wist ik niet." Er kwam een glimlachje om zijn mond, alsof hij genoot omdat hij na 50 jaar alsnog een compliment kreeg voor zijn werk.

 

Het grootste deel van zijn militaire tijd heeft in Verenigde Staten gewerkt. Onder andere op de Ambassade.

Hij werd ook gevraagd om adjudant van de Staatssecretaris van Defensie te worden. Politiek is niets voor hem, dus dat wees hij af. Hij liet daarvoor zelfs de bevordering tot Brigade generaal voor lopen.

Kapitein Herman Tummers ging als Kolonel de dienst uit. Ik vond het een voorrecht om onder hem te mogen werken en heb veel van hem geleerd.

 

Willem Rijksen, Rotsterhaule (Frl), 23 augustus 2014.


22 augustus 2014: Kapitein Tummers


Kapitein Tummers en Willem Rijksen samen in Memory Lane. Foto's: Anne-Marie Rijksen.

 


Dat krijg je zonder douwen en: Iedereen een vrije dag.

Het copyright van de foto's en artikelen op deze site berust bij de eigenaar van de betreffende foto of het artikel of bij de oorspronkelijke maker van de foto of het artikel. Merken en Merknamen worden alleen vermeld ter identificatie van het product en zijn eigendom van de betreffende eigenaar van dat Merk of die Merknaam. Mocht u menen zekere rechten te kunnen doen gelden, neem dan even contact met mij op.